Onderwerp

Wat is het onderwerp?

Het onderwerp is het deel van de zin waar de zin over gaat: wie of wat voert de handeling van de persoonsvorm uit?

Het vraagtrucje: zoek eerst de persoonsvorm. Vraag dan: "wie of wat + persoonsvorm?" Het antwoord op die vraag is het onderwerp.

De kleine jongen fietst hard naar school.

Persoonsvorm: "fietst". Vraag: wie of wat fietst? Antwoord: "de kleine jongen" — dat hele stukje is het onderwerp.

  • Het onderwerp kan uit één woord bestaan ("Ik") of uit meerdere woorden ("De kleine jongen").
  • De persoonsvorm past altijd bij het onderwerp: "hij loopt", maar "wij lopen".
  • In vraagzinnen en na een bepaling vooraan staat het onderwerp vaak ná de persoonsvorm.

Oefeningen

Klik in elke zin op het onderwerp (dat kan uit één of meer woorden bestaan). De oefeningen lopen op van groep 7 tot klas 5-6 vo.

geselecteerd goed gekozen fout gekozen gemist

Andere onderdelen